Stressfractuur

Een veel voorkomende overbelastingsblessure bij lopen is een stressfractuur. Andere naam voor deze aandoening is vermoeidheidsbreuk of marsfractuur.  Het betreft een microscheurtje die zich geleidelijk voortzet. Stressfracturen ontstaan door een zich steeds herhalende grote spanning op een botstuk. Men zou kunnen zeggen dat de spanning te groot is voor het bot, of omgekeerd dat het bot te zwak is voor de doorstane spanning. Ondanks het feit dat een stressfractuur ontstaat ten gevolge van langdurige zware of ongebruikelijke lokale belasting, is de aandoening niet voorbehouden aan intensief trainende langeafstandlopers. Betrekkelijk vaak betreft het beginnende recreatiegerichte trimmers, vaker vrouwen dan mannen. Een stressfractuur treedt ook nogal eens op bij mensen die zonder voorbereiding aan een zware looptraining beginnen.Een stressfractuur komt het frequentst op in het onderbeen met name in het scheenbeen bij hoogspringers en ballet dansers, kuitbeen bij hardlopers en in de voorvoet bij militairen die ook marsfractuur genoemd wordt.Minder vaak komt een vermoeidheidsbreuk voor in de voetwortel, het bovenbeen of het bekken.

Symptomen

In de beginfase van het ontstaan van een vermoeidheidsbreuk is er vaak een dragelijke pijn, die met name optreedt tijdens de landing. Als er met deze klacht doorgetraind wordt, kan de pijn (soms plotseling) dusdanig verergeren, dat er ook pijn bij wandelen of zelfs in rust voorkomt. Soms is er een duidelijke zwelling en roodheid te zien op de plaats van de pijn.
Bij stressfracturen klaagt de patiënt aanvankelijk over een wat doffe pijn die geleidelijk toeneemt onder belasting. Omdat het niet om een acuut trauma gaat en de klachten spontaan zijn begonnen, lopen de mensen soms er lang mee door, maar uiteindelijk kan vanwege de pijn niet meer worden getraind.

Oorzaken

Een stressfractuur in het bot kan optreden als er te vaak ‘buigkrachten’ op inwerken zonder dat het bot (door rust) de kans krijgt om te herstellen. Een stressfractuur is dus in feite een soort overbelastingsblessure van het bot. Hierbij treedt er in eerste instantie ‘alleen’ een knikje op in de schil van het bot, later kan er een barstje of klein scheurtje in het bot ontstaan. Wordt er echter met een stressfractuur toch doorgetraind, dan kan een echte botbreuk ontstaan. Meestal is een samenspel van factoren verantwoordelijk voor het ontstaan van dit stressfractuur:

  • een te snelle opvoering van tempo en/of duur van de trainingen in het begin van het seizoen of na het herstel van een blessure;
  • het veelvuldig uitvoeren van heuveltraining, sprongvormen of andere belastende trainingsvormen.
  • het lopen op een harde ondergrond (asfalt, beton) in combinatie met slecht schokabsorberend schoeisel (spikes!);
  • de aanwezigheid van sportrelevante afwijkingen, zoals een beenlengteverschil, een standafwijking van de voeten (knik-platvoeten, holvoeten) of een relatief tekort aan spierkracht van de voet- en kuitspieren;
  • een verminderde botdichtheid. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen op hogere leeftijd en bij (duur)atletes, waar de menstruatie langer dan een jaar is weggebleven.

Wat kunt u er zelf aan doen om een stressfractuur te voorkomen?   Om deze blessure te voorkomen, is het raadzaam om onderstaande ‘preventietips’ op te volgen.

  • Warming-up
    Doe een goede warming-up: loop minimaal 5 minuten rustig in en voer daarna rekoefeningen uit. Daarna dient natuurlijk een specifieke warming-up uitgevoerd te worden!
  • Goede trainingsopbouw
    Zorg voor een goede trainingsopbouw. Verhoog de intensiteit en de omvang van de trainingen niet te snel. Voorkom eenzijdige trainingsvormen. Wissel bijvoorbeeld de sprongkracht- en heuveltraining af met minder belastende trainingen.
  • Spierversterkende oefeningen
    Ook voor lopers is het belangrijk om over een basisniveau aan kracht(-uithoudingsvermogen) te beschikken. Vraag je trainer een algemeen oefenprogramma met spierversterkende oefeningen voor je op te stellen, bijvoorbeeld met handhaltertjes of in circuit-trainingsvorm. Besteed in de training aandacht aan spierversterkende oefeningen voor de voetspieren, de ‘voetheffers’ en de kuitspieren.
  • Goede techniek
    Probeer met de juiste techniek te lopen, waarbij de voeten recht naar voren wijzen, op de buitenkant van de hak wordt geland en de voet over de binnenzijde van de bal van de voet afgewikkeld wordt.
  • Ondergrond
    Vermijd langdurig lopen op een harde ondergrond. Loop liever op een zachte ondergrond, zoals gras of in het bos.
  • Sportschoenen
    Draag soepele en goed passende sportschoenen met een schokdempende zool en een goede ondersteuning van de voetboog. Wanneer de voeten de neiging vertonen bij de voetafwikkeling te veel naar binnen weg te zakken (‘overpronatie’), gebruik dan schoenen die dat tegengaan. Een goede sportzaak kan over de aanschaf van de juiste sportschoenen adviseren. Realiseer je dat de meeste spikes geen enkele schokdemping of ondersteuning geven. Train dus zoveel mogelijk op je gewone sportschoenen.
  • Cooling-down
    Beëindig de training altijd met een cooling-down. Deze bestaat uit enkele minuten rustig uitlopen en in ieder geval uit het uitvoeren van de boven beschreven rekoefeningen.
  • Lichaamsgewicht
    Zorg voor een juist lichaamsgewicht. Als er sprake is van een (te) hoog lichaamsvetpercentage, helpt ‘afvallen’ zeker mee om overbelasting te voorkomen.
  • Menstruatie
    (Duur)atletes die meer dan een jaar niet of slechts zeer onregelmatig menstrueren, moeten de oorzaak hiervan laten onderzoeken en (zo mogelijk) een behandeling laten instellen.

Behandeling

De (sport)arts kan de blessure onderzoeken en meestal zo de diagnose stellen. Blijkt dat het inderdaad gaat om een stressfractuur, dan is relatieve rust van 6 tot 8 weken de aangewezen behandeling, tenslotte is een stressfractuur meestal het eindstadium van veelvuldige overbelasting. Er wordt hierbij soms ook geadviseerd om krukken te gebruiken. Ter bestrijding van pijn en zwelling kan gekozen worden voor ijstherapie. Wanneer de sporter bij controle na zes weken pijnvrij is, kan de belasting worden opgebouwd. Zijn er nog steeds klachten en afwijkingen op de röntgenfoto, dan wordt de rustperiode verlengd. Wanneer de belasting opgebouwd kan worden, zal de sportfysiotherapeut een alternatief trainingsprogramma opstellen om de spierkracht en de conditie met andere trainingsvormen zoals fietsen, zwemmen, lopen in het water, op peil te houden.

Op het moment dat er wordt begonnen met een trainingsopbouw, is het belangrijk om in eerste instantie om de dag te trainen. Het bot heeft dan steeds een dag de tijd om te herstellen van de belasting.

Het is verder belangrijk te achterhalen waarom de blessure is ontstaan, alleen dan is het mogelijk een eventueel recidief te voorkomen.Voedingspatroon, trainingsschema en schoeisel spelen hierbij een belangrijke rol. Een stressfractuur geneest meestal goed en restloos, hoewel dat soms wel erg lang kan duren.